Mijn kleinzoon begint met zijn vriendin al voorzichtig op de woningmarkt te kijken of er een plaatsje voor hen is. Ze zijn niet alleen en dat is een probleem. Jongeren en zij die een kleine beurs hebben, hebben het nakijken. Tweeverdieners zijn de volgende slachtoffers van wat genoemd wordt ‘de krapte op de woningmarkt’. In feite is er die krapte wel en er zullen duizenden woningen moeten worden bijgebouwd,maar het heet niet voor niets de woningmarkt. Het woordje markt klinkt voor mij altijd nog romantisch. De kraampjes met stoffen en bloemen, de groenteboer pur sang en de voornaamste kraam : de viskraam. Je merkt het, ik probeer het luchtig te houden, maar de markt is gegroeid en heeft altijd al te maken gehad met ‘marktwerking’. Marktwerking is een toverwoord voor mensen die geld ruiken en er meer van willen. In de vrije kapitalistische wereld waarin wij leven is dat geen doodzonde; het is een stokpaardje van vele regeringen die het woordje vrijheid er maar al te graag aan koppelen. Zo ontstond een nieuw samengesteld woord: ‘vrijemarktwerking’. Dat doet ’t ‘m. Wie wil er nu niet ‘vrij ‘zijn in doen en laten en er beter van worden. Dat is op de eerste plaatst menselijk. Maar het woord en term menselijk heeft al lang niet meer de sfeer van ‘vanzelfsprekend of menslievend’. Menselijk krijgt in vele gevallen iets dierlijks. Een dier weet niet beter, is parasitair door instinkt en met een beetje geluk heeft ‘de schepper’ ze een kwakje symbiose meegegeven. Hier komt de wolf aan in dit verhaal. De mens worstelt er al lang mee en de laatste jaren met de werkelijkheid: de wolf is terug.

Hij steelt en vreet schapen en laat zich niet door hekken tegenhouden. De wolf pakt wat ie pakken kan en vertoont daardoor menselijke trekjes. De vorm van deze daggedachte is nog een probleem. Kies ik voor de vorm een fabel, parabel , sprookje of thriller. Misschien is een gelijkenis wel het meest van toepassen en daarom blijf ik maar bij mijn wolf. In het kader van het onderwerp figuurlijk wel het beste. Alhoewel de wolf in werkelijkheid niet zo’n slecht karakter schijnt te hebben en enkel rooft en schapen vreet om te overleven, is de wolf in onze gedachten en referentiekader een wreed dier. Eigenlijk vergelijkbaar met de mens dus. Mensen zijn vindingrijk en geven woorden een betekenis die ze in hun grijze massa opvissen naar waarheid en soms getrouw. Zo ontstond ook het woord ‘geldwolf’. De geldwolven hebben het dus aan zichzelf te danken dat ik ze in mijn (dag)gedachten en in het kader van het onderwerp, zo noem. De mens zocht er ooit een woord bij. Huisjesmelkers. Sommigen van hen weten van de ‘Prins’ geen kwaad, maar de geldwolven onder hen zijn voor een groot gedeelte schuldig aan de woningmalaise die vooral de jongeren teistert. Huisjesmelkers kopen een huis en met meer geld , meer huizen, verhuren ze voor veel geld en maken door de regel zo’n 8% rendement. Probeer dat maar eens te verdienen met je spaarrekening op welke bank dan ook. Kopen en huren worden daarom schier onmogelijk voor woningzoekenden. Dat is hard en a- sociaal. Oosterhout volgt nu ook de weg van Amsterdam en vele andere gemeenten. Degenen die een huis koopt, moet er zelf een aantal jaren in gaan wonen. Een goede maatregel zo vast om de woningmarkt beheersbaar te houden en rechtvaardiger. Er moet nog meer gebeuren natuurlijk, maar de marktwerking heeft met deze nieuwe regels ook een goede kant. Het zal zo’n vaart nog liet lopen, maar de prijzen zullen zich op den uur behalve met vraag en aanbod, ook gaan verhouden tot minder speculaties. Een goede zaak die marktwerking. Ik wist niet dat ik dat ooit zou zeggen. Onze Dongense wethouder moet niet altijd doen wat grotere broer Oosterhout beweegt om een probleem aan te pakken, maar de wereld zou er wel een beetje beter van worden als ze er eens over gaat praten met haar collega. Dat de Oosterhoutse wethouder van een andere partij is moet haar in ieder geval tot nadenken bewegen wat háár uiteindelijke ideologische grondslagen zouden moeten zijn.

Piet Eelants (c) 2021