Laberdie, laberda, laberdosia ( 2 /661)

Daar kwam ‘unne’ boer uit Zwitserland, Kadee, kadulleke, keda ! (En )die had een ezel aan zijn hand, Laberdie, laberda, laberdosia ! En die had een ezel aan zijn hand, Caecilia !

Het is midden zomer 2019 en als ik er aan terug denk doe ik dat omdat ik herinneringen koester. De momenten van vertedering , van lief , maar ook van leed zijn me zonder meer dierbaar. Een groot deel van mijn dagelijkse gedachten bestaan er uit ,want als je de mooie dagen niet wil vergeten moet je er aan terugdenken. Een tijd zoals ik die op dit meemaak is een rollercoaster van leed en verdriet en sommigen weten er van. Toch is deze tijd tijdelijk is mijn overtuiging. Tijdelijk omdat dat voor alles geldt. Bovendien is alles eindig maar brengt de realiteit van het moment je leven tot een uiteindelijke voltooiing waarin je leeft en een beetje sterft. Maar de meeste dagen zijn levenswaard, zoals het krijgen van kinderen en kleinkinderen. Zij houden je soms op de been op de goeie en slechte dagen. Zij geven je steun en veroorzaken ook verdriet en angst. Zij maken het leven levend en de moeite waard. Zij vormen je levensloop.

Maar er is meer. Het eerste kusje dat zo voorzichtig was en aarzelend. Het blozen op je wang erna en het juist niet afvegen van de lippenstift .De eerste dansles en de rest. Het leven in volle bloei ; je eerste tuintje en het gaan naar het altaar. De wijde wereld in en ‘elk nieuw beging ‘. Ik herinner me de voorste schoolbank en het strafwerk later op de dag. Dat klein ongelukje en de eerste pleister. Het leven gaat verder, elke dag en ook de tomeloze nachten tellen mee.

Laberdie, laberda, laberdosia…En zo zijn er nog heel wat coupletten toe te voegen die dit schoolliedje vormen. Schoolliedjes. Ze zijn me dankbaar. In mijn herinnering passeren er zo wat dagelijks een paar langs een paar hersencellen en als kleindochter Femke er is , mijn stembanden….. We zongen ze op de lagere school. Meester Schilders en broeder Damiaan deden er veel aan. Op die bewuste zomerdag vorig jaar hoorde ik op de Vlaamse televisie bij een aflevering van ‘FC De Kampioenen’ het woord ‘Kadulleke’ en prompt pompte mijn ( rijke) geheugen twee liedjes naar boven die dat woord bevatten. De boer uit Zwitserland en ‘ ’t regent ’t regent ‘. Dat liedje heeft heel wat uitvoeringen en teksten die heel veel zijn aangepast, veranderd en toegevoegd, maar ik leerde in het eerste couplet al dat het twee kadullekes waren die op hun gat vielen. Het woord ‘Kanulleke integreerde me weer plotseling. Mijn gedachten gingen opnieuw uit naar Willy Vandersteen zijn stripverhalen over Suske en Wiske . Het ‘popke’ ‘Schanulleke’ speelde in de verhalen een grote rol en was de steun en toeverlaat van Wiske en niet van Suske zoals een andere leeftijdsgenoot nog steeds beweert. Oorspronkelijk heette het speelgoedje ‘Schalulleke’. Verantwoord opvoedkundig was dat ook in Vlaanderen niet.

Schoolliedjes. Ik zing ze nog vrij vaak. Zachtjes en uit de buurt van Femke. Eerst tot groot genoegen van mijn twee oudste kleinkinderen. Zij verlaten tegenwoordig ook spontaan de ruimte waarin ik mijn zangkunsten vertolk. Zingen gaat me niet goed meer af; de omstandigheden laten dat niet toe. Gelukkig is er Femke nog. De jongste kleindochter van bijna acht . Zij vindt het nog bijna grappig. Dat dacht ik, totdat ik ontdekte dat haar vingers in beide oren gingen bij een exclusief optreden voor haar vorig jaar. Och ,het zij zo. De tijd van toen die is voorbij en komt niet meer terug. Wel de herinnering die blijft, die ik koester en niet verdwijnt. Dat maakt het leven het leven waard. De herinnering en de dingen die vandaag beginnen

Piet Eelants © 2020